|
Biotoop
Kleine, beschut gelegen vennen op de zandgronden.
Vooral in heidevennen en licht verstoord hoogveen
met verlandingsvegetaties van Riet, Pitrus en
Snavelzegge. Lichte verrijking van heidevennen (door
menselijke ingrepen, voedselrijke kwel of bladafval)
is gunstig voor deze soort. Kan in bepaalde gevallen
dus als storingsindicator worden opgevat.
|
|
Verspreiding & ecologie
In de Zuidoosthoek op vrijwel elk geschikt bos- en
heidevennetje te vinden. Kan plaatselijk zeer
talrijk zijn, vooral in het Drents-Friese Wold, de
Slotplaets en de bossen van Beetsterzwaag. In de
Witte Mar bevindt zich al sinds 1980 een grote
populatie van enkele 100-en dieren! Op de Wyldemerk
(Gaasterland) is recent ook een forse populatie
ontdekt. Het verspreidingsbeeld lijkt aardig te
kloppen, maar er zijn vast nog nieuwe vindplaatsen
te ontdekken. Opmerkelijk zijn de vondsten op Skylge.
De soort kent een late vliegtijd en kan nog tot in
november gevonden worden. Opvallend vaak
aangetroffen in vennen met veenmos. Staat niet
bekend als een goede zwerver, maar is gezien enkele
vondsten ver buiten de bekende populaties, blijkbaar
toch tot zwerven in staat. De soort is regelmatig te
vinden op zonnige, open plekjes in bossen, soms meer
dan een kilometer verwijderd van het
voortplantingswater.
Tips voor onderzoek
Verwarring is mogelijk met de Gewone pantserjuffer.
Op het moment dat de Tengere piekt is de Gewone
pantserjuffer echter bijna uitgevlogen. Zoek in de
nazomer en herfst daarom goed naar kleine
pantserjuffertjes op beschutte vennetjes op
zandgrond. Let in deze periode ook goed op deze
soort op de Waddeneilanden. Het is nog onbekend in
hoeverre deze pantserjuffer daar voorkomt en of er
voortplanting plaatsvindt. Komt de soort ook voor in
de noordelijke wouden? De soort werd in 2004
aangetroffen bij de Naturij (Drachten).
|